Nieuws

Zoveel partijen met zoveel ideeën, maar niets bleek bestand tegen het hek om Nederland

zoveel partijen met zoveel ideeen maar niets bleek bestand tegen het hek om nederlandEerste Image

 

r valt veel boeiends te ontdekken in de beelden en berichten die ons woensdagavond bereikten vanuit de Fokker Terminal in Den Haag, waar de partij die dertien jaar lang de belangrijkste machtsposities in Nederland heeft bezet bijeen was voor een VVD-verkiezingsuitslagenfeestje.

De pertinente weigering van Mark Rutte bijvoorbeeld – gewoon nog premier van het land, en vermoedelijk nog heel lang – om iets te zeggen over de verkiezingsuitslag: geen woord van bezinning, van reflectie, van troost, van wijsheid, van triomfalisme desnoods.

De paniekerige grimlach en de verwarring in de ogen van Dilan Yesilgöz, de kleine Faust die had gedacht dat ze de poort van het slot kon halen voor Geert Wilders en daar ongeschonden mee weg zou komen.

Het collectieve wegduiken van ministers en partijmastodonten voor vragen van de pers over de VVD-bijdrage aan de PVV-campagne.

Maar het interessantst was dit: dat de stemming tijdens het ontrollen van de eerste exitpoll met de monsterwinst voor de PVV en de wanprestatie van de VVD enigszins bedrukt was – voor zover er bij VVD’ers überhaupt sprake kan zijn van bedrukking – totdat ook bleek dat Bij1 van de vertrekkende Sylvana Simons haar enige Kamerzetel kwijtraakt. Toen klonk er onbekommerd hard gejuich.

Dat de elite van de nog-altijd-regeringspartij – huidige en voormalige bewindspersonen, volksvertegenwoordigers uit het ganse land, grote donateurs, adviseurs, spindoctors, strategen, vooraanstaande leden en andere kopstukken – grote lol heeft omdat een worstelend emancipatiepartijtje uit de volksvertegenwoordiging verdwijnt, op de avond waarop Nederland zich mede dankzij de VVD-campagne kan scharen in het rijtje landen dat definitief is gezwicht voor het rechts-extremisme, vat de verwording van de VVD goed samen.

Het gejuich is de verzinnebeelding van de morele leegte als gevolg van dertien jaar machtsoriëntatie, ideologische uitholling, en van nooit eens een goed gesprek over wat ook alweer de grondslagen van het liberalisme zijn. Daar krijg je zulk schoolpleinbullebakgedrag van. Plus een verkiezingsprogramma met diverse anti-asielmigratie- en anti-moslimmaatregelen waar de Orde van Advocaten het vinkje ‘past niet in een rechtsstaat’ bij plaatste, het vertrek van de laatste vrijzinnige liberalen, en een campagneteam dat gokte dat het best kon, Geert Wilders salonfähig maken.

Je krijgt er ook een land van waarin politiek door een groeiend deel van het electoraat wordt gezien als een cynisch strategisch steekspel voor ingewijden, hooguit geschikt als voer voor lollige filmpjes waarin niets wezenlijks op het spel staat en voor amusement aan de borreltafel van SBS. (Dat gewicht van Timmermans, lachen! Die poezen van Wilders, cute!). Niet iets om serieus te nemen, omdat het beloofde toch nooit geleverd wordt. Je kunt er gerust overheen plassen. Is toch lachen man.

In de strijd om de harten van de kiezers zou het over ‘de zorgen en de wensen van de mensen’ gaan. Die zijn niet wereldschokkend: een betaalbare ziektekostenverzekering, woonruimte voor het nog steeds thuiswonende volwassen kind, vrijwaring van rampen, geweld en gebrek, het idee dat vooruitgang mogelijk is, en dat er een betrouwbare en functionerende overheid is voor wanneer het tegenzit. De boel werd samengevat onder het kopje ‘bestaanszekerheid’. Dat begrip bleek voor velerlei uitleg vatbaar, maar aan het uitdiepen ervan kwam niemand toe, want wat we opgediend kregen was klassieke zondebokpolitiek, elke dag een drupje gif erbij. De buitenlanders hebben het weer gedaan, ook wel bekend als ‘de instroom’.

Stikstof, dure energie, gebrek aan woonruimte, een disfunctionerende Belastingdienst, een wantrouwende overheid, smeltende poolkappen, sluitende ziekenhuizen, inflatie, oorlog in het hart van Europa, karige minimumlonen, de toekomst van de boer, te veel regels, te weinig regels, te weinig wiskundeleraren, belastingen en de kosten van gratis bier: er viel uit een indrukwekkende stoet partijen te kiezen die deze kwesties adresseren, ook voor de beknelden en gebutsten en zonder de rechtsstaat grondig geweld aan te doen of ‘de instroom’ overal verantwoordelijk voor te stellen.

Maar toen eenmaal de aloude suggestie was afgestoft dat een hek om Nederland de eerste oplossing voor alles is, waren alle andere argumenten en elk beroep op ons betere ik weerloos. Ook bij mensen die zich ongehinderd wentelen in comfort en hypotheekrenteaftrek, dat graag zo willen houden, en nog altijd moeite hebben te geloven dat het toeslagenschandaal zich heeft voorgedaan, omdat ze zelf nooit ergens last mee hebben gehad.

zoveel partijen met zoveel ideeen maar niets bleek bestand tegen het hek om nederlandBeeld Rhonald Blommestijn

Al meer dan twintig jaar worden boekenkasten volgeschreven over de kloof en over het populisme. Over kiezersdrift, over makkelijke antwoorden op moeilijke vragen, over de teloorgang van het collectivisme en van de oude ideologieën.

Over gecultiveerde heimwee naar een land dat nooit heeft bestaan. Over culturele verwarring in een klein land met open grenzen en over de diepe angst voor verandering in een vergrijzende samenleving.

Over hoe er met het beklimmen van de welvaartsladder steeds meer bezit werd vergaard waarmee de angst dat al dit moois ook zomaar verloren kan gaan zich heeft genesteld in de harten. Over de selfie-samenleving die tot een geheel nieuwe invulling van het begrip solidariteit heeft geleid, namelijk solidariteit met mij en mezelf.

Over een uitgeholde publieke sector die werd uitgeleverd aan de vrije markt, en een overheid die dientengevolge niet meer kon leveren. Over afkalvende zekerheden, politiek voor winnaars, en cynische bestuurders die kwetsbare groepen aan hun lot hebben overgelaten, omdat hun zorgen zelden van politiek belang worden geacht.

Over hoe gemangelde burgers die alle reden hebben zich belazerd te voelen – door aardbevingen, fraudejacht, etnisch profileren of vernedering in de bijstand – gezelschap hebben gekregen van staatsverlaters, querulanten en mensen die boos zijn maar niet precies weten op wie.

Over hele groepen die zich op sleeptouw hebben laten nemen door handelaren in rancune, langs de hondjes van Pim, langs de overzichtelijkheid van Wilders toen hij een kleine twintig jaar geleden al alle kwalen van het land pretendeerde op te lossen met een tienpuntenplan (harder rijden en strenger straffen), langs een stoet bejaardenpartijen die kwaaiig ‘Blijf van mijn poen af’ liepen te zingen, langs het ‘boreale gelul’ (copyright Henk Otten) van Thierry Baudet, langs de omgekeerde vlaggen op het boerenerf, langs de bestuurlijke vernieuwing van Pieter Omtzigt, en weer terug naar Wilders.

Over leerzame internationale voorbeelden, van Trump tot Bolsonaro, Poetin en Orbán, en over het gevaar van imitatie en appeasement: zie hoe de verloedering onder de Britse Conservatieven heeft toegeslagen.

En over de gemankeerde antwoorden van de politieke elite daarop, die voornamelijk neerkomen op elke keer met z’n allen nog een beetje meer opschuiven naar cultureel-rechts, en elke keer de rechtsstatelijkheid iets meer tarten. Door vluchtelingen- en mensenrechtenverdragen in twijfel te trekken, door aan de godsdienstvrijheid te tornen, en door te pogen rechters te beknotten met taakstrafverboden en minimumstraffen. Waardoor we in een Alice in Wonderland-achtige situatie zijn beland waarin een economisch rechtse partij als D66 ‘links’ wordt genoemd omdat D66’ers zich bekommeren over de onafhankelijkheid van de rechtspraak. En waarin Dilan Yesilgöz een antidemocratische en antirechtsstatelijke partij, die heeft gepoogd Nederlanders met een tweede nationaliteit uit te sluiten van actief en passief stemrecht, schaamteloos op één lijn durft te stellen met een tamelijk brave en tamme centrum-linkse partij als GroenLinks-PvdA. Met als conclusie: ‘Net zo erg.’

Dat het in het dna van de VVD zit om tot het gaatje te gaan wanneer de kans zich aandient over rechts te formeren, weten we al sinds Rutte I, het ongelukkige gedoogkabinetje dat de bijna-vernietiging van het CDA in gang zette, maar ‘waar rechts Nederland de vingers bij kon aflikken’. Als daarbij spaanders vallen, zijn hun kiezers vergevingsgezind, zo weten ze bij de VVD sinds Mark Rutte de ene verkiezingszege aan de andere wist te rijgen. Op het politicologenblog Stuk Rood Vlees besprak de aan de UvA verbonden politicoloog Matthijs Rooduijn onlangs een boeiend onderzoek naar opvattingen onder kiezers over de liberale democratische rechtsstaat. Daaruit blijkt dat kiezers van de PVV, maar ook van de VVD (en van CDA, BBB en NSC) relatief weinig moeite hebben met het in twijfel trekken van het universele stemrecht van bepaalde groepen kiezers, en met stellingen als ‘een sterke leider in de regering is goed voor Nederland, zelfs als hij de regels buigt’.

De komende weken, en als het tegenzit: vele, lange maanden, zal het verklaringen regenen van partijleiders die zullen zeggen ‘dat ons bescheidenheid past’, dat ‘de kiezer heeft gesproken’ en ze ‘nu even niet aan zet’ zijn, dat ze ‘liever vanuit de Kamer onze rol willen oppakken’, waarna ze bij nader inzien toch ‘de verantwoordelijkheid niet schuwen’ als het landsbelang daarom vraagt, ‘omdat de mensen er recht op hebben dat het land wordt bestuurd’ en ‘omdat wij geen kiezers willen uitsluiten’ en ‘omdat we hebben gemerkt dat we goede oplossingen kunnen bereiken die werken voor mensen’. De VVD zette vrijdag de eerste stappen in dit spiegelpaleis, met Yesilgöz’ suggestie dat ze zich graag dienend opstelt als gedoogpartner van ‘een centrum-rechts kabinet, geleid door de PVV’. Ja, ze noemt dat ‘centrum-rechts’.

Blijft over als bastion tegen de normalisering van ‘meneer Wilders’ het NSC van Pieter Omtzigt. Die laat op omtzigtiaanse wijze in het midden wat hij vindt. NSC heeft veel kiezers, zo blijkt uit het hierboven aangehaalde onderzoek van Rooduijn, die aanzienlijk minder aan de rechtsstatelijkheid hechten dan Omtzigt zelf. Het was ze bij nader inzien kennelijk toch niet per se te doen om dat zorgvuldige wetgevingstraject waarover de partij zo lang uitweidt in het verkiezingsprogramma, maar gewoon om een afrekening met de zittende macht.

NSC is evenwel naar eigen zeggen níét opgericht om de oren te laten hangen naar focusgroepen uit electorale overwegingen. De partij is wél mede opgericht omdat de overheid op basis van etnische profilering achter onschuldige burgers aanging. Het wordt nog lastig uitleggen als er onderhandelingen worden aangegaan met een partij die zo ongeveer is opgericht om mensen op basis van hun afkomst en geloof te criminaliseren.

Omdat Wilders al twee weken lang niemand heeft uitgescholden, en een Koranverbod niet langer als speerpunt uitdraagt, zou hij ‘mild’ zijn geworden. Hero Brinkman, die in zijn tijd als PVV-Kamerlid hartstochtelijk bepleitte de Antillen met inwoners en al op Marktplaats te verkopen, wierp zich donderdagavond op televisie plotseling op als Wildersfluisteraar en -ambassadeur. Brinkman is al heel lang weg bij de PVV, maar in tijden van succes komt iedereen graag op je feestje. Wilders, zo wist Brinkman met grote stelligheid te vertellen als had hij een direct lijntje met de grote roerganger, zal ‘al die niet-rechtsstatelijke dingen’ heus in de ijskast zetten, want ‘dat heeft hij beloofd!’ En wie zijn wij om aan zijn woord te twijfelen?

Er lopen genoeg mensen met rubberen ruggegraten rond in Den Haag voor wie de man, die journalisten ‘tuig’ noemt en al hartelijk gefeliciteerd is door Marine Le Pen en Viktor Orbán, daarmee een niet te negeren en doodnormale potentiële coalitiepartner is geworden.

Zo eindigt een verkiezingsstrijd die begon met een overmacht aan virtuele zetels voor de Omtzigt-partij die – o ironie – de oprichting van een constitutioneel hof voor grondwettelijke toetsing van wetsvoorstellen als een van de speerpunten heeft, in de eclatante overwinning van Den Haags oudste rechts-populist.

Sheila Sitalsing

VOLKSKRANT

 

Comments powered by CComment

Articles - FJ Related Plus

Mastodon